Maar liefst 6% van het Nederlands Bruto Nationaal Product wordt verdiend met auteursrecht. Dat zorgt voor werkgelegenheid: de auteursrechtindustrie houdt 529.000 fulltimers aan het werk (cijfers uit rapport SEO 2014: Economic Contribution of Copyright-Relevant Industries in the Netherlands). De meeste inkomsten uit
auteursrecht komen – vrees ik – terecht bij rechters, advocaten,
platenmaatschappijen, uitgevers, foto-exploitanten en collectieve
beheerorganisaties. Niet bij de maker. Je recht halen als maker is namelijk
onbetaalbaar. Illustratief is de rechtszaak van de Kapotte Kachels.
De carnavalsband gebruikte de melodielijn van het nummer Take a chance on me van ABBA voor het nummer Dikke Pens. De band was in de veronderstelling dat dat mocht omdat dat onder het parodierecht valt (artikel 18b van de Auteurswet). Het nummer werd echter wegens vermeende auteursrechtinbreuk verwijderd bij Spotify. Protest haalde niks uit en de enige optie is dan een rechtszaak. Duur en risicovol. Met een crowdfunding haalde Kapotte Kachels 25.000 euro op en is het gevecht aangegaan.
Universal Music, die ABBA vertegenwoordigt, meent dat er sprake is van verminking en doet onder andere een beroep op artikel 25.1.d van de Auteurswet: de reputatie van de componisten zou geschaad worden. Terwijl volgens mij toch overduidelijk is dat de componisten niet aan het carnavalsnummer meegewerkt hebben.
Ter zitting [verslag op Nu.nl] noemt advocaat Dirk Visser, die Universal Music bijstaat, het aanbieden van het nummer op streamingsdiensten "een goedkope manier om mee te liften op het succes van een ander". Het lijkt Kapotte Kachels echter niet om de verdiensten te gaan. De carnavalsband is zelfs bereid een licentie af te nemen bij Universal Music en de streamingsinkomsten – 3.000 euro tot het nummer verwijderd werd – af te staan. Universal Music blijft echter vasthouden aan het verbod voor streamingsdiensten. Opmerkelijk is dat Universal Music live-optredens en filmpjes daarvan op YouTube wél toestaat: ze treedt enkel op tegen 'het uitbuiten van het nummer voor commercieel gewin'. Volgens mij zou de vraag of er geld verdiend wordt met een parodie in deze zaak geen rol moeten spelen, dat is de doodsteek voor carnavalsmuziek.
Omdat er geen schikking is bereikt, gaat de rechter oordelen: is het carnavalsnummer een toegestane parodie of is het een verminking van het origineel?
Visser is in een ander geschil, ondanks bezwaar van de eisende partij, aangesteld als onafhankelijk deskundige. Ik citeer uit punt 3.2 van de uitspraak:“hoewel Visser ontegenzeggelijk deskundige is op het gebied van auteursrecht en filmwerken, is hij ook als advocaat verbonden aan een advocatenkantoor dat filmproducenten, uitgevers en platenmaatschappijen bijstaat. [eiser] voorziet dat het eindvonnis in deze zaak verstrekkende gevolgen kan hebben voor niet alleen [gedaagde 1] als producent die de vergoeding betaalt, maar ook een precedent schept voor uitgevers en platenmaatschappijen. Dit zal mogelijk afdoen aan de onafhankelijkheid van Vissers oordeel, aldus [eiser].”
De rechtbank passeert dat bezwaar met:
“3.3. De rechtbank gaat hier niet in mee en blijft bij haar voornemen om Visser tot voorzitter te benoemen. De rechtbank heeft geen reden om aan de deskundigheid en onpartijdigheid van Visser te twijfelen. Hierbij speelt mee dat Visser niet alleen advocaat is, maar ook hoogleraar op het gebied van intellectueel eigendomsrecht. Van een hoogleraar mag de vereiste onafhankelijkheid van een deskundige worden verwacht. Ook heeft Visser meerdere publicaties op zijn naam staan op het gebied van filmauteursrecht, exploitatiecontracten en vergoedingen. Dit maakt hem bij uitstek geschikt als juridisch deskundige en voorzitter.”
Ik laat mijn mening hierover achterwege, ik hoop alleen maar dat de banden van Visser met de Rechtspraak geen invloed hebben op de beoordeling in deze zaak. Een precedent dat artiesten beter beschermt tegen het monopoliseren van werken door rechtenexploitanten is namelijk ontzettend hard nodig.
Wat ik wel niet kan laten is een foto plaatsen uit de 👹👻👿 beeldbank. Mét aanklikbare bronvermelding. Dan geldt het niet als een handeling bestaande in een mededeling (Svensson-arrest).

