Naar de Hoge Raad met de kippenfoto


Na drie kafkaëske pogingen mijn recht te halen bij rechtbank Rotterdam staat er nog één rechtsmiddel open: cassatie in het belang der wet. Voordeel van deze procedure is dat het me geen geld kost bij verlies. Alleen maar tijd...


Ik heb de uitspraak, met de kennis van nu, eerst langs de meetlat gelegd en de grieven ertegen uitgeschreven. Ik kom tot maar liefst vijf rechtsvragen:

Vraag 1. De bewijslast bij auteursrechtoverdracht

De kantonrechter wist kennelijk dat er geen geldige akte van overdracht was: zij oordeelt namelijk dat de schade wordt geleden door de fotograaf maar wijst de vergoeding toe aan een derde partij. Van niet juridisch onderlegde partijen die in persoon procederen kan men niet verwachten dat zij een onwaarheid betwisten. De kantonrechter had ambtshalve moeten toetsen of de eisende partij daadwerkelijk de rechthebbende is.

Rechtsvraag: dient de rechter, gelet op artikel 2 Aw, ambtshalve (een akte) te verlangen van de gestelde overdracht van auteursrechten, alvorens een vordering tot schadevergoeding van een exploitant toe te wijzen?

 

Vraag 2. De grenzen van de rechtsstrijd

De kantonrechter bestempelde een blog als commerciële website en trok eigenhandig pageviews in twijfel. Daardoor is de schade niet begroot op de tarieven waarvoor de eisende partij ten tijde van de inbreuk licenties aanbood voor niet-commercieel gebruik.

Rechtsvraag: schendt de rechter de lijdelijkheid (artikel 24 Rv) en de regels van stelplicht en bewijslast (artikel 149 Rv) door zelfstandig feiten aan te vullen of niet-betwiste feiten in twijfel te trekken om een hogere schadevergoeding te rechtvaardigen?

 

Vraag 3. De hoogte van het gevorderde licentietarief

De kantonrechter sloot aan bij de tarieven van stichting Foto Anoniem die veel hoger liggen dan de tarieven van de eisende partij en de gebruikelijke markttarieven. De tarieven van stichting Foto Anoniem (tegenwoordig tarievenlijst BeeldAnoniem die beheerd wordt door stichting Pictoright) zijn ‘vrijwaringstarieven’ – geen ‘schadetarieven’.

Rechtsvraag: is het rechtens toelaatbaar om bij de begroting van schade wegens auteursrechtinbreuk aan te sluiten bij arbitraire tarieven als de eigen tarieven bekend zijn of als er bewijs is van aanzienlijk lagere markttarieven voor vergelijkbaar gebruik?

 

Vraag 4. De juridische aard van de 'opslag'

De kantonrechter wees een opslag bovenop de licentieprijs toe, onder meer voor de kosten voor vaststelling van de schade en aansprakelijkheid: kosten die al apart gevorderd werden. Ze gebruikt ook argumenten (zelfbeschikkingsrecht, afname exclusiviteit) die andere kantonrechters tegelijkertijd gebruiken om de opslag af te wijzen.

Rechtsvraag: dient een schadevergoeding voor een auteursrechtinbreuk strikt beperkt te blijven tot de daadwerkelijk geleden vermogensschade?

 

Vraag 5. Het recht van de sterkste

De kantonrechter heeft partijen tijdens de twee en half uur durende zitting driemaal de gang opgestuurd om te schikken. De meeste gedaagden zullen denken dat vrijspraak niet aan de orde is als een rechter een comparitie gelast. Een zitting bij de rechtbank drijft de proceskosten op en is emotioneel belastend voor een partij die in persoon procedeert. In de rechtszaal ontstaat een ongelijk speelveld als een partij die in persoon procedeert tegenover een geroutineerde jurist staat.

Rechtsvraag: is het rechtens toelaatbaar om in een zeer eenvoudig geschil, met een partij die in persoon procedeert, een comparitie te gelasten?


Als je mijn werk wilt steunen: er loopt een crowdfunding voor deze zaak.